Meditatie| 500x Tsjerkepraat

Meditatie| 500x Tsjerkepraat

Wanneer één lichaamsdeel pijn lijdt, lijden alle andere mee; wanneer één lichaamsdeel met respect behandeld wordt, delen alle andere in die vreugde. Welnu, u bent het lichaam van Christus en ieder van u maakt daar deel van uit.”

1 Korinthe 12: 26 en 27

Deze keer leest u de vijfhonderdste editie van “Tsjerkepraat”. Het eerste nummer verscheen op 7 april 2000. Voorheen had de Hervormde gemeente een eigen kerkblad en was de Gereformeerde kerk aangesloten bij het regionale kerkblad “Geandewei”. Toen werd besloten dat beide gemeenten samen een kerkblad wilden uitgeven.

Na 7 maanden van goede voorbereiding kwam er een nieuw kerkblad met een nieuwe bladformule (wat je wel en niet plaatst), vormgeving (omslag, lay-out en lettertype) en natuurlijk een nieuwe naam. Gemeenteleden droegen 27 verschillende namen aan, waar uiteindelijk de naam die Aukje Dijkstra had voorgedragen als beste werd uitgekozen. Voortaan ging men verder met “Tsjerkepraat”.

Bedoeling was een blad te maken waarin het wel en wee van de gemeente en van gemeenteleden werd beschreven en gedeeld. Zo wordt er ruimte vrijgemaakt voor de kerkdiensten, andere activiteiten en alles wat maar voor de gemeenteleden wordt georganiseerd (jong en oud). Daarnaast is er aandacht voor het individuele gemeentelid: ziekte, overlijden of andere levenservaringen en natuurlijk de fijne dingen: verjaardagen en jubilea.

Verder houden de kerkenraad, de diaconie en diverse commissies jullie op de hoogte van wat er allemaal speelt in de gemeente. Dit alles met het doel om betrokken te blijven. Mooi is ook dat het kerkblad terecht komt bij betrokken gemeenteleden en bij gemeenteleden die minder betrokken zijn of die niet meer kerkdiensten of andere activiteiten kunnen bezoeken. En in “Tsjerkepraat” proberen we ook nog wat geestelijk voedsel te delen: meditaties, gedichten en bijdragen van gemeenteleden.

Paulus’ brief aan de Korintiërs
Bovenstaande tekst komt uit een brief van de apostel Paulus aan de gemeenteleden van de kerk in de stad Korinthe. Het punt dat Paulus wil maken is dat de gemeenteleden moeten zorgdragen voor elkaar. Zelf vonden de Korintiërs status, prestaties en rivaliteit belangrijk. Maar Paulus wil hen hier leren dat iedereen even waardevol is; iedereen is nodig en onmisbaar. En je moet respect tonen voor ieder gemeentelid.

Hij gebruikt hiervoor de vergelijking met het lichaam. Hij noemt de plaatselijke gemeente ‘het lichaam van Christus’ en die gemeente functioneert net zoals een lichaam. Alle delen zijn nodig en even belangrijk. De tere delen zijn even belangrijk als de handen, voeten of zintuigen. En als je pijn voelt (bijv. kiespijn of buikpijn) dan is je hele lichaam ontsteld. Maar als je je goed voelt en het gaat goed met je, dan werkt dat ook door bij alle delen van je lichaam.

En zo is het ook met de gemeenteleden, allemaal even belangrijk: kosters, onderhouders van het kerkhof, presentatieteam en kindernevendienstleiding en allen die ik hier niet benoem. Maar die er samen voor zorgen dat de gemeente hier in Kollumerzwaag kan functioneren en van betekenis kan zijn voor oud en jong. Allemaal mensen die ertoe doen!

Paulus wijst hier op twee gevaren. Het eerste is dat er gemeenteleden zijn die denken dat ze niet nodig zijn, hun talenten en gaven zijn niet belangrijk en niemand komt hun te missen. Paulus maakt duidelijk dat juist met een lichaam het zo niet werkt. Van ieder gemeentelid wordt verwacht dat ze – indien mogelijk – zoveel mogelijk meedoen.

En het andere gevaar is dat er gemeenteleden zijn die denken dat ze anderen niet nodig hebben of alles denken beter te kunnen. Of dat hun inzet belangrijker is dan die van de ander. Maar ook bij het lichaam is dat niet zo. Paulus benoemt hier de geslachtsdelen die we het meest bedekken, maar die onze identiteit heel erg bepalen en een belangrijk onderdeel van ons lichaam vormen.

Boodschap voor ons
Paulus leert ons in deze brief dat een dergelijke houding mogelijk is, doordat we ons verbonden weten met Jezus Christus en Zijn gemeente; we zijn broeders en zusters van elkaar die delen in liefde en genade. En de tweede reden is volgens hem, dat het mogelijk is doordat ‘de Heilige Geest op jullie rust en voorziet van gaven en vrucht’ (Galaten 5: 22).

Onze reactie op het lezen van Tsjerkepraat is dat wij ons betrokken en verbonden weten met de gemeente. We zijn nodig en welkom bij de erediensten en andere activiteiten. En we leven mee met het wel en wee van onze andere gemeenteleden: we sturen kaartjes, bidden voor elkaar en daar waar het kan helpen we elkaar.

En tenslotte houden we het doel van dit kerkblad voor ogen: we willen samen gemeente zijn. We helpen elkaar, corrigeren elkaar, voeden elkaar en ondersteunen elkaar. Mijn wens is dan ook dat “Tsjerkepraat” nog een lange tijd de graadmeter is van al onze activiteiten in de gemeente en onze betrokkenheid met de gemeente.

Ik sluit af met een woord van dank – natuurlijk zijn we dankbaar voor ieders inzet voor de gemeente – maar deze keer denk ik dat we in ieder geval al die gemeenteleden willen bedanken die het mogelijk maakten dat we “Tsjerkepraat” 500 nummers lang konden en nog kunnen lezen.

Pieter Knijff (met dank aan het archief van ds. J.P. Strietman)

Deze meditatie is gepubliceerd in de Tsjerkepraat van april 2022

Wil je in gesprek over belijdenis doen neem dan contact op met onze pastoraal werker of predikant.

Share Button

Comments are closed.

Please enter Google Username or ID to start!
Example: clip360net or 116819034451508671546
Title
Caption
File name
Size
Alignment
Link to
  Open new windows
  Rel nofollow